kapitein Hayke Jacobs Müller

kapitein Müller
kapitein Müller

Kapitein Hayke Jacob Müller was afkomstig uit Oost Friesland en (zoals vele anderen) rond 1850 uitgeweken naar Nederland vanwege de politieke onrust in zijn land. Nadat hij vier jaar op de “Bastiaan Pot” gevaren had, stond er in “Het Handelsblad” het volgende bericht: “11 maart 1879. Het Nederlandse schip “Bastiaan Pot” Kapitein Muller van Tjilatjap met koffie naar Rotterdam, een maand reis hebbende is op 11 gr. Z.Br. 102 gr.O.L. gepaaid met de equipage ziek aan boord: koorts. De kapitein, 2e stuurman, timmerman en 7 matrozen overleden.

Krimpen a.d. Lek 29 maart 1879. Volgens een bij de reederij ontvangen telegram waren van het schip “Bastiaan Pot” van Tjilatjap naar Rotterdam bestemd er door ziekte en overlijden van de gezagvoerder en equipage te Batavia teruggekeerd, de navolgende personen overleden: Kapt .H.J. Muller,  J. Zorgdrager 2e stuurman, J. Burggraaf timmerman, V. Klijn, A. Van Heusden, Ipsen, Spinsen, M. Rijsenberg, J. Chernetick, matrozen en lichtmatrozen.

Op 7 juni 1879: Volgens bij de reederij ontvangen bericht uit Batavia is door de arbiters het hulploon voor het schip “Bastiaan Pot” buiten andere kosten bepaald op L 33000.”

Volgens een overlevering heeft Kapitein Muller vanuit Tjilatjap zijn patroon nog gewaarschuwd dat de lading niet in orde was, maar Pieter besliste dat de koffie toch geladen moest worden. Nog steeds volgens diezelfde overlevering is toen door de giftige dampen uit de lading, nagenoeg de gehele bemanning omgekomen.. Het zal voor Pieter geen gemakkelijke tijd geweest zijn.. We moeten zo’n overgeleverd verhaal niet onderschatten, maar wel bedenken dat er in die tijd heel veel onbekende ziekten rondwaarden in die streken (bv. de Javakoortsen).

Reder Pieter verstond zijn plicht en haalde het kleine gezinnetje van Müller naar Krimpen aan de Lek en werd voogd over het zoontje van weduwe Muller. Deze weduwe

de weduwe van kapitein H.J. Müller
de weduwe van kapitein H.J. Müller
het zoontje van de overleden kapitein Müller
het zoontje van de overleden kapitein Müller

Müller was Harmina Paulina (von)  Strackholder (dochter van Paul Harms Strackholder en Antje Lammerts Backer). Rond 1838 was zij in Norden geboren. Zij had samen met kapitein Müller één zoontje Ommo Edo Müller.  Weduwe Müller hertrouwde op 27 juni 1888 in Krimpen aan de Lek met Arie Kriens, een timmerman uit Nieuw-Lekkerland (geboren 24 oktober 1840). Deze begon een scheepswerfje in Krimpen aan de Lek, dat later door de jonge Müller werd voortgezet en lange tijd bestond onder de naam scheepswerf “De Lek”! De weduwe van kapt. H.J. Müller overleed in Rotterdam op 9 april 1915 op 77 jarige leeftijd (wonend Polanenstraat N.8a). De kleindochter van kapitein Müller, Harmina Paulina Müller (gehuwd met Jan Mars) heeft het bedrijf voortgezet. Na de dood van Jan Mars is de scheepswerf in andere handen overgegaan.