J.H. von Santen

J.H. von Santen (1819-1877)
Johann Hermann von Santen, 1819-1877

Johann Hermann von Santen werd op 30 oktober 1819 in Emden (voormalig koninkrijk Hannover in Duitsland) geboren. Wanneer en met welke reden hij naar Nederland kwam heb ik nog niet achterhaald. Op 6 juni 1850 trouwde hij in Krimpen aan de Lek met Elisabeth Maria van der Mijle, de dochter van een plaatselijke kruidenier. Een maand later werd hij als Nederlander genaturaliseerd (28 juli 1850). Het is bekend dat Von Santen een kruidenierswinkeltje dreef, waarschijnlijk heeft hij de winkel overgenomen van zijn schoonouders. Maar hij had hogere ambities en zijn vrouw zal de honneurs in de winkel wel hebben waargenomen. Waarschijnlijk heeft hij eerst enkele jaren als kapitein gevaren voor rederijen. Daarna werd hij boekhouder en reder van de door hem opgerichte partenrederij J.H. von Santen, een rederij van zeilschepen. Van 1857 tot 1859 was hij reder van de “Jonge Jan”, een gekoperd schip dat al in 1830 gebouwd was in Alblasserdam bij C & J. Smit. Tussen 1859-1861 reedde hij de “Catharina Maria”, een houten, gekoperde driemastbark die in 1846 op de werf van Pot in de Elshout gebouwd was. In 1861 werd dit schip afgekeurd.. In 1864 kocht rederij Von Santen de driemastbark “Minister Pahud”, een schip van 674 ton wat voor hem ging varen onder kapitein E. Lipjes.  In een oud krantenberichtje stond te lezen: Vlissingen, 6 juli 1865. Gisteren is in het Marinedok gehaald het Nederlandse driemastschip (opm: fregat) MINISTER PAHUD, kapt. E. Lipjes, komende van Batavia en bestemd voor Middelburg, geladen met koffie, suiker, tin en bindrotting. (biezen om stoelen te matten..) Meestal waren de schepen bevracht door de Nederlandse Handelsmaatschappij (NHM). Drie jaar later, in 1867 was Von Santen niet voorspoedig: hij moest zijn schip, de “Minister Pahud” op de terugreis van Batavia als vermist opgeven.. Hij kocht in dat jaar de “Tollens”, een schip van 711 ton., kapitein werd B. Verhagen. Dit schip verging in 1869 in Indië. In 1868 werd het 3e schip aangekocht, de driemastbark “Elisabeth Maria”, waarop H.J. Muller kapitein werd. (de kapitein die later ten gevolge van giftige dampen aan boord van de “Bastiaan Pot” overleed..) In 1875 werd de “Anna” aangekocht

rederijvlag J.H.von Santen&Co

(houten driemastfregat, gebouwd in 1862) en de “Tollens” verkocht. Tussendoor liet  Von Santen de “Bastiaan Pot” en de “Antje” nieuw bouwen. Inmiddels wapperde er van zijn schepen een prachtige rederijvlag.. Vergeleken met andere rederijen in de omgeving was het bedrijf van Von Santen een middelgrote rederij. Rederij Fop Smit van de Kinderdijk of rederij Murk Lels van Alblasserdam waren minstens drie maal zo groot, wat het tonnage scheepsinhoud betrof. Pieter trad in dienst bij rederij Von Santen, voer eerst op de “Bastiaan Pot”, uit die tijd is het bekende brievenboek van Pieter van der Hoog bewaard gebleven. Uit dit brievenboek kom je één en ander te weten over de relatie tussen Pieter en Von Santen. (zie de pagina over de “Bastiaan Pot”)  Pieter was niet zo heel gelukkig met dit schip, hij vond het nogal onhandelbaar, slecht bestuurbaar. Maar daarna werd Pieter kapitein op de nieuw gebouwde “Antje”. Over dat schip was hij zeer tevreden. In 1872 komt Pieter aan wal, hij gaat Von Santen assisteren op het rederijkantoor. In 1877, na het overlijden van Von Santen werd Pieter van der Hoog door de aandeelhouders benoemd tot boekhouder/reder van de partenrederij Von Santen. Het bleek dat Von Santen nog behoorlijk wat aandelen/parten had in de zeilschepen: 3/32 deel in de “Bastiaan Pot”, 3/30 deel in de “Antje” en 2/20 deel in het fregat “Anna”.

Maar de ondernemende Von Santen werd ook boekhouder en mede-eigenaar van “Stoombootrederij Op de Lek”.Reederij op de Lek 5 passeert de spoorbrug bij Culemborg In 1857 besloten nl. dertien personen samen een bootdienst op de Lek in de vaart te brengen, die een verbinding moest bieden tussen Rotterdam en Schoonhoven. Het was ook weer een vorm van partenrederij waarbij een van de belangrijkste aandeelhouders als boekhouder en directeur optrad, in dit geval Von Santen. De onderneming werd daarom bekend als “J.H. von Santen & Co”. Van de overige deelnemers kwam ongeveer de helft uit de bekende scheepsbouwfamilie Smit. Drie maanden na de oprichting van de onderneming werd voor 7000,= een tweedehands houten radarstoomboot aangeschaft. Deze werd voor 20.000 gulden verbouwd en vervolgens als “Schoonhoven  in de vaart gebracht. De eerste boot die de rederij voor eigen rekening liet bouwen was in 1876 door J&K Smit. Een andere aktiviteit was de overname in 1870 van Reederij der Stoombargedienst tussen Utrecht, IJsselstein en Vreeswijk, die vervoer aanbood ten zuiden van Utrecht. Er werd gevaren via de Vaartse Rijn. Von Santen wilde een nieuwe bootdienst op IJsselstein beginnen via de Hollandse IJssel. In 1875 kon Von Santen een andere verbinding, die hij met de reder Adriaan Smit had opgebouwd, samenvoegen met de Lekdienst. Deze kreeg daardoor de beschikking over drie schroefstoomschepen: de “Streefkerk”, de “Groot Ammers” en de “Bergambacht. Met deze fusie werd de Lekdienst sterker in het veevervoer. De bemanning van de boten was deskundig op het gebied van vee en de koeien konden desgewenst aan boord gemolken worden.. Na het overlijden van Von Santen nam Pieter ook deze functie van hem over. Rond 1880 vervoerden ze 300 passagiers per dag. In 1896 werd het bedrijf omgezet in een NV, de bekende “Reederij op de Lek”. Maar dat was ver na de Von Santen-tijd..

oorkonde tgv. 25jr.huw Von Santen van Pro Patria
oorkonde tgv. het 25-jarig huwelijk van Von Santen, aangeboden door het geuzenvendel Pro Patria

Eén van de vele nevenaktiviteiten van Von Santen was de functie van beschermheer van het Geuzenkorps Pro Patria. In juni 1875, bij het 25-jarig huwelijksjubileum van het echtpaar Von Santen, organiseert het geuzenkorps Pro Patria nog een leuke festiviteit. Het komplete korps vaart in vol ornaat; in groot kostuum met vaandel en vlaggen op een bak naar het rederijkantoor van Von Santen. Op een bord staat met grote letters: HULDE AAN ONZE BESCHERMHEER. Als kado krijgen ze een jubileumboek en een mooie oorkonde. En een kristallen roemer met zilveren deksel met daarin gegraveerd de naam van het geuzenkorps. Deze is waarschijnlijk verloren gegaan.

Tevens was Von Santen in Krimpen lid van de Maatschappij tot Nut van het Algemeen, zat in het schoolbestuur en in de gemeenteraad.

Von Santen overleed in Krimpen aan de Lek op 19 april 1877.