hoe de scheepsbel die meer als 80 jaar op een koraalrif op de zeebodem lag bij Papua-Nieuw Guinea weer terugkwam in Krimpen..

de voorzitter van Crempene opent de bijeenkomst
de voorzitter van Crempene opent de bijeenkomst

Zaterdag 27 juni 2015 was een bijzondere dag. Voor de Historische Vereniging “Crempene” van Krimpen aan de Lek, voor de bewoners van Krimpen die geïnteresseerd zijn in het maritieme verleden van hun dorp en uiteraard voor de familie Van der Hoog! En.. ook Mr. Prescott had het naar zijn zin.

Voor degenen die graag aanwezig hadden willen zijn maar verhinderd waren en voor degenen die alles nog eens na willen lezen volgt hieronder een verslag.

De ceremonie werd geopend met een speech door voorzitter Hans Dekker van de Historische Vereniging “Crempene”:

“Allereerst wil ik de leden van onze vereniging hartelijk welkom heten op één van de bijzonderste bijeenkomsten in ons 15-jarig bestaan.

Wij hebben vandaag een aantal gasten in ons midden. In de eerste plaats zijn dat een groot aantal nazaten van kapitein en reder Pieter van der Hoog. Als zoon van een welgestelde boer werd hij hier in Krimpen geboren in 1835. Uw aanwezigheid getuigt van de grote belangstelling voor het leven van uw bekende voorvader. Wij stellen uw aanwezigheid zeer op prijs. Last but not least is onze gast de heer Jim Prescott die vanuit Australië naar Krimpen is gekomen voor de overhandiging van wat inmiddels bekend is geworden als “de scheepsbel“. “Mister Prescott, a warm welcome in Krimpen aan de Lek”.

De scheepsbel, teruggevonden op de in 1902 gezonken driemaster “Krimpen aan de Lek”, staat wat mij betreft symbool voor de vroegere betrokkenheid van ons dorp bij de zeevaart. Al in een document uit 1514 valt te lezen dat 1/3 van de Krimpense beroepsbevolking op zee de kost verdiende. Over onze betrokkenheid bij de Europese vaart, de VOC, de WIC, de Admiraliteit (zeg maar de huidige marine), de haringvisserij, de walvisvaart en schandelijk genoeg ook de slavenhandel, zou een heel dik boek kunnen worden geschreven. En één van de laatste hoofdstukken zou dan kunnen gaan over Pieter van der Hoog. Pieter, begonnen als scheepsjongen, klom op tot kapitein en was op een goed moment zelfs reder van de grootste en tevens de laatste nieuwgebouwde zeilschepen van ons land. De enige Nederlandse reder die viermastbarken liet bouwen. In zijn hoedanigheid als reder had hij in 1885 hier op de Krimpense werf van Smit de driemastbark “Krimpen aan de Lek” laten bouwen. Dit schip verging zoals gezegd in 1902 tussen Australië en Nieuw Guinea, gelukkig niet met man en muis. Alle opvarenden overleefden. Het verhaal hoe de scheepsbel van dit schip letterlijk weer boven water kwam en in zijn bezit is gekomen horen wij straks van mister Prescott. Wij zijn bijzonder gelukkig dat hij heeft besloten de bel aan onze vereniging te schenken.

Voor de overhandiging van de bel hebben wij naar wij hopen een passend programma bedacht. Ik stel voor dit programma te laten beginnen en verzoek mister Jim Prescott zijn verhaal te vertellen.”

Jim Prescott:

Mr.Prescott wordt vertaald door Carl von Lindern
Mr.Prescott wordt vertaald door Carl von Lindern

“Goedemorgen dames en heren.

Het is mij een groot genoegen om vandaag in Krimpen aan de Lek te zijn om de bel terug te brengen, de bel van het schip vernoemt naar- en 130 jaar geleden gebouwd in jullie dorp. Mijn betrokkenheid bij deze bel is nu 31 jaar.. iets minder dan 25% van zijn bestaan. Ik heb geen data meer van het moment dat ik het wrak van de “Krimpen aan de Lek” gevonden heb, maar ik denk dat het december 1983 was. Zoals u waarschijnlijk weet is het schip gezonken nadat het op het rif van Papua Nieuw Guinea is gelopen op 24 juli 1902. De bemanning kon gelukkig veilig de kust van “Thursday Island” bereiken met een soort van schoener-sloep, de “.. (naam komt voort uit de harpoenjacht op zeeschildpadden en/of doejoengs (soort Indische zeekoe). Ten tijde van het vergaan van het schip was Papoea Nieuw Guinea nog een gevaarlijke plek, ik dacht zelfs dat de laatste aanvalstocht op de Fly River ergens in 1935 is gehouden. Er zou toentertijd ook een overvloed aan krokodillen geleefd hebben langs de kust en het rif waar het schip is gezonken.

Maar laat mij u meer vertellen hoe ik het wrak gevonden heb..

Begin 1983 verhuisde ik naar Daru, een eiland vlakbij, waar ik voor het Ministerie van Visserij onderzoek deed naar de tropische rotskreeft, de belangrijkste visseij in de Torres Strait. Het rif voor Parama Island met de naam Podomaza (maza = rif, in de lokale “Kiwai”-taal) is één van de weinige plaatsen bekend in de Torres Strait waarvan bekend is dat de kreeften daar kuit schieten, het was alleen niet bekend hoeveel dit er waren en hoeveel kreeften op Podomaza kuit schieten. Ik ging dus schatten hoeveel kreeften kuit schieten. Hiervoor moest ik gaan duiken, levende kreeften vangen, een soort van label eraan hangen en ze weer los laten. Dat was een uitdagende klus omdat het Podomaza-rif dermate dichtbij de enorme Fly-river ligt, dat het bijna altijd erg troebel water is. Op de dag dat ik het wrak vond, dook ik langs de rand van het rif en ontdekte ik dat het rif plotseling erg verticaal werd en er onnatuurlijk uitzag.

.. en toen.. realiseerde ik me dat ik in een scheepswrak keek..

Toen ik een gat vond in het rif en daar door naar binnen keek, realiseerde ik me dat ik in een scheepswrak keek! Ik ging terug naar de oppervlakte en nam een kompas peiling om de juiste ligging van het wrak vast te stellen. Ik dook vervolgens diverse keren op andere plaatsen langs het rif om uiteindelijk weer terug te keren bij het wrak. Deze keer echter vond ik de mast, die naast het wrak op de bodem lag. Op dat moment legde mijn technisch medewerker, die samen met mij mee dook, zijn hand op iets dat aan de mast zat en zwom toen verder. Ik keek iets beter naar het object en ontdekte dat er iets bewoog in het midden ervan. Op dat moment realiseerde ik me dat het de scheepsbel moest zijn!  De bel kwam eenvoudig los van de mast, maar ik kon hem niet meenemen naar het oppervlak. Met een touw dat ik bij me had, konden we het ding in de boot hijsen. Ik heb hem mee naar huis genomen. Nadat ik de bel had schoongemaakt en alle koraal eraf gehaald had zagen we de naam en het jaartal staan. (Krimpen aan de Lek 1885). Een vriend van mij heeft de

KRIMPEN A/D LEK 1885
KRIMPEN A/D LEK 1885

historie kunnen achterhalen bij Lloyd’s Register in Londen.

Ik heb er lang over nagedacht wat de meest geschikte plaats voor de bel zou zijn. Een Nederlandse vriend van me heeft me gewezen op jullie vereniging. De rest van het verhaal is u bekend! Ik hoop dat de vondst van deze bel eraan bijdraagt om de komende generatie van uw dorp bewust te maken van uw scheepsbouw- en scheepvaarthistorie en het enorme bereik dat u daarmee over de wereld had, in een tijd dat dit vele malen uitdagender was dan vandaag de dag. Dank u voor de gelegenheid u hier te ontmoeten en meer van uw dorp te leren kennen. Ik hoop dat we ook in de toekomst vrienden blijven.”     Jim Prescott.

hup, aan de mast..
hup, aan de mast..

Daarna overhandigt Prescott de scheepsbel aan 2 nazaten van Pieter van der Hoog. Deze geven de bel aan leden van de Scoutinggroep van Krimpen. Zij hangen de bel aan het stuk scheepsmast en bevestigen het vakkundig geknoopte “allemansend” aan de bel. Daarna mag Prescott de bel luiden en het bordje met de geschiedenis van het schip en zijn bel onthullen. Daar wordt door de hele zaal op geproost. Een mooi moment!

echte scoutingklus!
echte scoutingklus!

Een bestuurslid van Crempene bedankt de heer Prescott voor zijn komst en voor zijn besluit de bel aan de historische vereniging te schenken. Als dank wordt hem een boek over de Krimpenerwaard geschonken. Namens de familie Van der Hoog krijgt Prescott een canvas afdruk van het prachtige schilderij van de driemastbark “Krimpen aan de Lek” mee naar Australië.

vakkundig geknoopt jongens!
vakkundig geknoopt jongens!
!cid_30DF7C49-96AF-4E48-8C07-7E7B3756C435
na 130 jaar klinkt de bel als een klok..
de secretaresse Riet Visser-Bouter bedankt Prescott
de secretaresse Riet Visser-Bouter bedankt Prescott